REPORTAGES
Jeugdzorg
Tangotoerisme
Kinderarbeid
Bruiloft in Marokko
Boerenmeisjes
Rijksinrichting Den Engh
Voedselbank
Cirque du Soleil
Yoga Academie
Het tussenfasehuis
Mee met de gerechtsdeurwaarder
The Botox Experience
Two to tango
Pro Ana - anorexia via internet
Neotango
ANNEMARIEVANGROEZEN  JOURNALIST*
HOME  PUBLICATIES WIE  CONTACT


Yoga Academie
Onthaasten in lotushouding

Vier jaar lang investeren ze 22 zaterdagen en twee weekeinden per jaar om yogadocent te worden: de studenten van Yoga Academie Nederland (YAN). Nog niet zo lang geleden een  baan met weinig perspectief, waar nog geen belegde boterham mee viel te verdienen. Maar dat is enorm aan het veranderen, aldus directeur Paul van Veen. ‘De klassen zitten vol. Yoga is bezig uit de softe hoek te komen. En uiteindelijk moet het, net als lezen en schrijven, een onmisbare vaardigheid voor ons dagelijks leven worden.’ 
Op 1 september houdt de YAN open huis in haar nieuwe onderkomen in De Pijp.



Op de behaaglijke zolder van een riant pand bij het Amsterdamse Vondelpark wachten de laatstejaars studenten van de YAN geduldig op hun docent. Er hangt een serene sfeer in de zaal. De studenten praten zachtjes in kleine groepjes, zittend op de eenpersoons matjes die her en der op de glanzende planken vloer liggen. Er zitten vooral vrouwen op de vierjarige opleiding voor yogadocent. Per studiejaar melden zich twee of drie mannen aan, maar yoga is in het westen - in tegenstelling tot in moederland India - nog duidelijk een vrouwenaangelegenheid. En hoewel de laatste trend op fitnessgebied, poweryoga, een verschuiving teweeg heeft gebracht, is het imago van 'soft' en 'zweverig' er nog niet af.
Met de oprichting van zijn academie, nu drie jaar geleden, streeft directeur – en psycholoog - Paul van Veen er naar het vak van yogadocent voor eens en altijd uit de softe vrijetijdshoek te halen. De opleiding kreeg een zakelijke naam en Van Veen trok maar liefst twaalf vakdocenten aan.
Vier jaar lang krijgen de studenten les in elf verschillende vakken, van filosofie en didactiek tot vakken met klinkende namen als pranayama, ayurveda en chakrapsychologie. Hierdoor voldoen ze ruimschoots aan de minimumeisen die de Nederlandse Vereniging van Yogaleerkrachten en de Europese Yoga Unie aan een vakbekwaam docent stellen. Van Veen: ‘Yoga moet een volwaardige plek in de samenleving krijgen en daarvoor heb je breed opgeleide yogadocenten nodig. Want yoga gaat over veel meer dan alleen maar lichaamshoudingen, er zit een hele levensfilosofie achter.
Professionalisering, daar gaat het ons om.’ En hiermee doelt hij nou juist niet op de huidige commercialisering. Hij gaat niet gruwelen van in de fitnesscentra gehanteerde termen als yogajumping en yogarobics en zolang het maar op een goede manier gebeurt heeft hij er ook niets op tegen. Maar toch zal hij blij zijn als de rage weer is overgewaaid. Van Veen: ‘Deze vormen hebben weinig met yoga te maken. Ze halen juist de essentie weg en degraderen het tot puur lichaamswerk. Maar yoga heeft in die duizenden jaren al zoveel veldslagen overleefd, dat zal nu ook wel lukken. En wat ik trouwens wel interes­sant vind is dat met iedere golfbewe­ging dat yoga terugkomt, het een groter ver­sprei­dings­gebied heeft. Je hoeft tegenwoordig maar een glossy over gezondheid open te slaan, of er staat een artikel in over yoga.’ Want bestond de yogascene vroeger vooral uit blowende hippies en sandaaldragende macrobioten, nu is een wat meer trendy publiek in de ban geraakt van het 5000 jaar oude systeem: de carrière-yuppen die, moe van het gezwoeg aan fitnessapparaten,  hun zoektocht naar de ideale vorm van ontspanning voortzetten en tot de herontdekking van yoga kwamen. Van Veen: 'Het is goed dat men er achter is gekomen dat carrière maken niet alles is. De hoge werkdruk vraagt om oplossingen en hierdoor heeft men nu eindelijk ook in andere krin­gen de waarde van yoga ont­dekt'.

Mini-steck
In centrum 'De Roos' lijkt alles nog bij het oude: het geurt er naar wierook en op de menukaart van het restaurant staan uitsluitend vegetarische versnaperingen en kruidentheeën. In dit centrum zetelt de YAN, totdat zij op 1 september verhuist naar een nieuw onderkomen in De Pijp. Van Veen: ‘We gaan vier klaslokalen huren van de communityschool  in de Tweede Jan van der Heijdenstraat. Een ideale situatie vergeleken bij de mogelijkheden die we in De Roos hebben. Iedere lesdag is het weer afwachten welke ruimtes er beschikbaar zijn, en vaak moeten we improviseren en sjouwen met stoelen om een collegezaaltje te creëren voor de theoretische vakken. Nu we rond de zestig studenten hebben, verspreid over vier leerjaren, is dat niet meer te doen.’ Een eigen pand is een van de toekomstdromen. ‘Af en toe een luchtkasteel realiseren is leuk. Een plek waar je je eigen activiteiten kunt ontplooien zou heel prettig zijn’, vindt Van Veen. Maar alles op zijn tijd, is zijn motto. Voorlopig is hij erg tevreden met de nieuwe accommodatie en stort hij zich met echtgenote en mededirecteur Trees volledig op de organisatorische en inhoudelijke kant van de opleiding.  Ze geven ook allebei les; hij psychologie, zij yoga.  Van Veen: ‘En Trees doet de planning, want daar begrijp ik niets van. Ze maakt de lesroosters met mini-steck… Ken je dat nog?’  ‘Ideaal’, vindt Trees. De verschillende kleuren zijn handig, je kunt het makkelijk wijzigen, en ik heb het altijd in mijn tas zitten.’
Hard werken is het absoluut. Samen hebben ze zich heel wat vakanties ontzegd om te komen waar ze nu zijn. Van Veen: ‘Maar we hadden het geluk te kunnen beginnen met een stevig basis:  een enthousiast en bekwaam bestuur en ervaren docenten. Daardoor waren we in staat om op een verantwoorde manier uit te breiden, zonder de kwaliteit uit het oog te verliezen. Want die staat voorop. Ik hoef geen paar honderd leerlingen. Kwaliteit betekent voor mij ook dat er persoonlijke aandacht voor de studenten moet zijn. Elke docent moet iedere leerling bij naam kennen'.
Het kan altijd nog beter, vinden ze. ‘Nu de vierjarige opleiding op de rails staat, is er eindelijk tijd voor verdieping’, aldus Trees. ‘We evalueren regelmatig de vakken, kijken hoe leerlingen de opdrachten hebben ervaren, en dan bedenken we hoe het volgend jaar nóg beter kan. In september starten we bovendien met een eenjarige opleiding zwangerschapsyoga, voor mensen die al yogadocent zijn. En we gaan het komend studiejaar erg leuke bijscholingen aanbieden, zoals praktijkvoering en Tibetaanse yoga.’ ‘En’, voegt ze er stralend aan toe, ‘we kunnen dit jaar eindelijk onze docenten opslag geven.’

Levenswijze
Die leerlingen vormen een gemêleerd gezelschap. De leeftijd varieert van 24 tot 50 jaar,  ze komen uit verschillende hoeken van het land en hebben verschillende achtergronden. Eén ding hebben ze volgens Van Veen in ieder geval gemeen: een zekere bevlogenheid.  Ze zijn bereid om vier jaar lang, 22 zaterdagen en twee weekeinden per jaar te investeren om yogadocent te worden. Vaak naast een baan en de zorg voor een gezin. Toelatingscriteria zijn er maar een paar: een goede motivatie, minimaal op mbo-niveau kunnen functioneren en een paar jaar yoga-ervaring hebben. Er worden geen absurde lichamelijke eisen gesteld, want de yoga waar het in de opleiding omgaat is geen acrobatiek. Toch wijst Van Veen  wel eens mensen af op lichamelijke beperkingen. ‘Iemand moet normaal gezond en redelijk fit zijn, maar ook in staat om de oefeningen voor te doen. Want yoga is een ervaringswetenschap', aldus de directeur. 'En als je veel oefeningen niet kunt kom je nooit bij die ervaring.’  Ook is hij er niet happig op om al te jonge mensen op de opleiding te krijgen. ‘Die willen vaak nog zoveel en moeten eerst nog om zich heen kijken, voordat ze zich kunnen toeleggen op het yogadocentschap. Ze moeten wel toe zijn aan een bepaalde levenswijze, want dat wordt het als je op een goede manier met yoga bezig bent. Yoga is bewustwording en dat gaat op allerlei andere gebieden doorwerken. Dat is het volledige effect van yoga.’ Het beeld van de yogi als vegetariër is dus toch geen vergezocht vooroordeel? Van Veen: ‘Wij verplichten onze leerlingen tot niets, dat past niet in de yogatraditie. Moeten zorgt ervoor dat men juist vast blijft houden aan bepaalde gewoontes en yoga gaat over loslaten. Vaak zie je dus dat dat vanzelf gaat bij mensen die al een tijdje op de opleiding zitten, omdat ze zich inderdaad bewuster worden van een heleboel dingen, ook van wat ze eten. En dan heb ik het niet over dat het zo zielig is voor die beestjes. Waar het om gaat is dat men de gevolgen ziet van varkenspest en gekke koeienziekte. Maar ook dat besef zit niet meer in een bepaalde hoek, kijk maar in de schappen van Albert Heijn.’
Ook Ester (37), laatstejaars student, eet nog maar bij hoge uitzondering vlees. En dan eigenlijk ook alleen maar van de scharrelslager. Een ontwikkeling die voor haar toch onbewust is gegaan. Ester: ‘Door de yoga voel je je lichaam beter en ga je er eigenlijk automatisch beter voor zorgen, dus gezonder eten.’ Naast dit vrij concrete voorbeeld kost het Ester moeite om uit te leggen wat yoga voor effect heeft op haar leven, omdat ze niet te zweverig wil klinken. ‘Waar het op neerkomt’, zegt ze na een poosje nadenken, ‘is dat je meer ruimte voor jezelf leert nemen, zowel lichamelijk als geestelijk. Je leert rust en afstand nemen. Ik hoef niet meer zo nodig onderdeel van alles te zijn, maar vind het prettig om soms gewoon alleen maar toeschouwer te zijn. De dingen gebeuren niet voor niets. Daar ben ik van overtuigd. Uiteindelijk geeft je dat een gevoel van onafhankelijkheid en vrijheid. En daar gaat het om.’
Vooral tijdens vakken als psychologie en chakrapsychologie ontkomen de studenten er niet aan om naar zichzelf te kijken. Om een veilig klimaat te waarborgen worden voor deze vakken vooral de twee jaarlijkse werkweekeinden gebruikt. Aan de hand van thema's als bijvoorbeeld agressie en autoriteit moeten de leerlingen onderzoeken wat dat bij hen oproept. Welke problemen ze bijvoorbeeld hebben vastgezet in hun lichaam. Van Veen:  ‘Dat sleutelen aan jezelf kan wel eens een therapeutisch effect hebben. Het gaat soms heel diep en de emoties kunnen hoog oplaaien als iemand op een psychische blokkade bij zichzelf stuit. We gaan er vanuit dat lichaam en geest één zijn, dus moeten deze obstakels, die nou eenmaal energie kosten, opgelost worden.’
 

Tanden poetsen
Een half uur te laat stapt docent Gerold de zaal met nog steeds geduldig wachtende studenten binnen. Hij werd opgehouden door de verkeersdrukte in de Amsterdamse binnenstad. Voor veel mensen een stressbevorderende factor, maar van enige opwinding hierover is bij de kleine donkere man niets te bespeuren. Rustig maakt hij zich gereed voor de les. Gerold geeft hatha-yoga, de basis van alle yogavormen en kernvak van de opleiding. Vandaag staan de booghoudingen op het programma. De studenten hebben inmiddels Gerolds voorbeeld gevolgd en plaatsgenomen in de klassieke lotushouding, de armen ontspannen rustend op de knieën. ‘Laten we rustig gaan opbouwen naar de eerste houding', begint Gerold. Na eerst een paar maal diep in- en uitgeademd te hebben loodst zijn stem de studenten vervolgens vloeiend door de verschillende oefeningen. Na iedere uitademing draagt hij op 'te voelen wat er gebeurt en deze gevoelsbeleving te registreren.’ Hij praat over 'navoelen' en 'toelaten'. In plaats van de aanwijzing 'inademen' heeft hij het over 'als je voelt dat er ingeademd wordt'. Als de verwarmingsketel met luid geronk aanslaat lijkt dat niemand uit zijn concentratie te halen. Het geluid van diepe ademhaling gaat onverstoord verder.
Yoga is eigenlijk de tegenhanger van alle dagelijkse moetens. Ester: ‘Met als prettig resultaat dat je er energieker van wordt en dus toch weer verder kan met al je verplichtingen.’ Van Veen: ‘Wij zijn hier in het westen voortdurend aan het hollen. Dat is nou eenmaal zo. Het is ook niet de bedoeling dat we Aziaten worden en daarom maken wij in de opleiding voortdurend die vertaalslag van het oosterse naar het westerse referentiekader. Maar als we het allemaal af en toe even rustig maken voor onszelf dan kunnen zich dingen vertonen in die rust, bijvoorbeeld het antwoord op de vraag waarom wij al die activiteit nodig hebben?’ Een zoektocht naar de zin van het leven, noemt Ester het. Trees van Veen beschrijft yoga als een pad dat je moet volgen en waar je, als je er eenmaal op bent geplaatst, niet meer afkomt. ‘Ja maar jij bent dan ook een echte yogajunk!’, roept Van Veen lachend naar zijn vrouw. Desondanks weigert Van Veen yoga als een verslaving te zien. ‘Verslaving heeft een geobsedeerdheid in zich,  yoga betekent juist je vrijer voelen, niet hoeven te scoren. Je kan het daarom beter vergelijken met tanden poetsen of douchen. Je voelt je minder prettig als je het niet doet.’

Beloning 
Als het aan Van Veen ligt zal yoga ook bij ons ooit tot het dagelijks leven behoren als een normale aangeleerde vaardigheid, net als lezen en schrijven. Tot die tijd blijft hij zich met hart en ziel inzetten om het vak van yogadocent naar een 'hoger plan' te tillen. Hij hoopt dat de professionalisering van yoga uiteindelijk leidt tot een redelijke vergoeding voor die docenten, die vier jaar hebben geïnvesteerd om op een kwalitatief hoog niveau les te kunnen geven.  ‘En het gaat de goede kant op wat dat betreft. Vergeleken met een paar jaar geleden zijn de beroepsperspectieven aanzienlijk toegenomen. Er is enorm veel vraag naar yogales. De klasjes zitten vol. We kennen zelfs docenten met wachtlijsten!’ Van Veen staat niet alleen met zijn streven. Er is veel overleg met de andere erkende opleidingen in Nederland, om van elkaars deskundigheid te leren en ervaringen uit te wisselen, en ook het bestuur van de Vereniging van Yogaleerkrachten, de club die de belangen van zowel yogadocenten als -leerlingen behartigt, zet zich in voor een professionele aanpak en betere vergoedingen.  
Niet alle leerlingen van de YAN ambiëren overigens een fulltime baan als yogadocent. Sommigen ontwikkelen zich tijdens de opleiding zodanig, dat ze er achter komen dat ze helemaal geen docent willen worden. Anderen, die de opleiding eigenlijk vooral voor zichzelf zijn gaan doen, raken juist idolaat van het lesgeven. Ester, die nu nog een baan binnen de hulpverlening heeft,  ziet voor de toekomst meer in een combinatie van lesgeven en een baan bij bijvoorbeeld een spiritueel centrum. ‘Iets wat in ieder geval een raakvlak heeft met yoga.’

In het bovenzaaltje van 'De Roos' is het inmiddels behoorlijk warm geworden. De energiestromen razen door  het dozijn lijven. Als de laatste oefening blijkt te leiden tot een moeilijke houding, die niet iedereen direct onder de knie krijgt, komen ook de tongen los en ontstaat er een discussie over techniek en grenzen van het lichaam. ‘Kijk als je het zo doet
’, een van de vrouwen doet voor hoe zij wel tot de ingewikkelde 'boog' is gekomen. Om te voorkomen dat de discussie gaat leiden tot het hoe dan ook leveren van een lichamelijke prestatie grijpt Gerold in: ‘Hou er rekening mee dat yoga geen streven is, geen ambitieuze gebeurtenis. Het gaat over aftasten waar de grens ligt. Als je dat accepteert kom je vaak al een stuk verder en lukt die moeilijke houding je misschien juist wel’. Tevreden  gaan de studenten op hun rug liggen en laten zich voor de afsluitende ontspanning meevoeren op de klanken van Gerolds Spaanse gitaar. Ondanks alle opgewekte energie klinkt er ergens een licht gesnurk.